Geest van de Congregatie
augustus 22, 2011 in Zalige Moeder Maria Teresa by zrelviramaria
Wij, Karmelietessen van het Goddelijk Hart van Jezus, willen als religieuzen God, de Kerk en de medemens dienen door het apostolaat van het gebed, eerherstel en actieve liefdedienst. Vanaf haar oorsprong draagt onze congregatie het stempel van de geest van de Karmel, van de heilige Teresa van Avila en van onze stichteres Moeder Maria-Teresa van de heilige Jozef. Het bijzondere charisma van de Karmel bestaat vooral in de Mariale levenshouding van allen die tot de Karmel behoren. Maria is voor ons het prototype van geloof en het voorbeeld van de meest intieme vereniging met Christus. Wij vereren haar als onze moeder en koningin en wij stellen ons kloosterleven onder haar bescherming. Het charisma van de Karmel draagt ook het stempel van de profeet Elia die door de orde altijd als haar geestelijke vader is beschouwd. Wij streven ernaar, zoals Elia, in Gods tegenwoordigheid te leven en ons in te zetten voor Zijn eer en glorie. “God leeft en ik sta voor Zijn Aangezicht” (3 Kon. 17,1).
Het kernpunt van de Karmelregel: “dag en nacht de wet des Heren overwegen en in bidden waakzaam zijn”, verstaan wij zo, dat het Woord Gods, de dagelijkse eucharistieviering, het gebed, vooral het beschouwend gebed, de bronnen zijn waaruit wij de kracht putten voor ons religieuze leven en ons apostolaat. Het charisma van de heilige Teresa bestaat vooral in het streven naar de vereniging met God door een leven waarin het gebed – vooral het beschouwend gebed – ten nauwste verbonden is met apostolische dienst in de Kerk. Naar het voorbeeld van de heilige Teresa van Avila en de heilige Thérèse van Lisieux beschouwen wij, karmelietessen van het Goddelijk Hart van Jezus, het apostolisch gebed, vooral voor de priesters, als een wezenlijke opgave van onze bijzondere taak bij het volk Gods. Dit was ook een doelstelling die onze stichteres zeer na aan het hart lag. Evenals de heilige Teresa vereren wij ook de heilige Jozef als voorbeeld voor ons dienstwerk dat wij moeten verrichten voor Christus, Zijn Moeder en voor het volk Gods.
Typerend bovendien voor het charisma van de heilige Teresa is een zeer sobere levenswijze gepaard gaande met een strenge opvatting van de armoede. Bij Teresa gaan gebed en gemakzucht niet samen en geheel in haar geest houdt onze stichteres ons voor: “In de Karmel van het Goddelijk Hart moet alles getuigen van armoede” en: “Als in dit bouwwerk de nederigheid, het godsvertrouwen en de heilige armoede niet meer worden beoefend, dan zal Gods zegen ontbreken….” (AB blz. 271).
Het was het charisma van onze stichteres, Moeder Maria-Teresa van de heilige Jozef, dat zij de contemplatieve karmelgeest dienstbaar maakte aan het directe apostolaatwerk. Edelmoedig heeft zij hierdoor beantwoord aan wat God van haar in haar tijd verwachtte. Voor de verschillende apostolaatwerken gaf zij ons de heilige Franciscus Xaverius als voorbeeld en patroon.
Welbewust stelde zij haar tehuizen onder de bescherming van de heilige Jozef. Haar eerste stichting noemde zij “Heimat für Heimatlose”. (AB blz. 55) In deze naam heeft zij haar hele programma samengevat. Overal waar de Karmel van het Goddelijk Hart van Jezus werkt moet hij een tehuis bieden, waar men zich werkelijk thuis voelt.
De naam “Karmel van het Goddelijk Hart van Jezus” wijst op een nog diepere inhoud. In het Hart van Jezus, zetel van de Godmenselijke liefde van Jezus Christus, wordt de gedachte van liefde en eerherstel symbolisch en wezenlijk uitgedrukt. De stichteres wilde dat de Heilig Hart verering onze congregatie bijzonder zou bezielen om eerherstel te geven aan het Goddelijk Hart van Jezus voor alle godsdienstige dwalingen, speciaal voor de loochening van Jezus’ godheid. “Door Christus onze Heer” brengen wij zo aan God een waardig eerherstel. Deze eerherstelgedachte komt tot uiting in aanbidding, heilig uur en gebed voor de stervenden.
Een persoonlijk charisma van onze stichteres was haar grote liefde tot het kruis waardoor zij zelfs om lijden bidden kon. Deze liefde tot het kruis tekent de Karmel van het Goddelijk Hart van Jezus en vraagt ons, naar de geest van de stichteres, het kruis, waarom wij niet gebeden hebben, te aanvaarden. Onze stichteres wilde dat wij ons heel bijzonder zouden toeleggen op de deugden van nederigheid, wijsheid en liefde. Zij gaf ons een voorbeeld van heldhaftig godsvertrouwen. Haar liefde voor de Schrift, waarin zij vanaf haar jeugd las en mediteerde en waaruit zij de kracht putte om zelfs in de grootste moeilijkheden vol te houden, moge ook ons aansporen om ijverig de heilige Schrift te lezen.
Onze stichteres wilde ons geen lege vormen noch dode letters nalaten, maar een levende geest, de geest van Christus, waarvan zij vervuld was. “De Regel bezitten betekent weinig als men er niet ijverig naar streeft zich de geest eigen te maken.”(AB blz. 290) “Eén ding weet ik zeker: als de heilige Regel niet zó wordt onderhouden zoals hij gegeven is, echt volgens de geest, dan verdwijnt alle zegen. Vele oversten vinden het onderhouden van de uiterlijke voorschriften belangrijker dan de liefde; dat is onze geest niet. Op de eerste plaats komt de liefde!”


















