Vorming

De vorming van hen die tot onze Karmel van het Goddelijk Hart van Jezus willen toetreden vindt plaats in een aantal stappen: kandidatuur, postulaat, noviciaat, junioraat en tot slot de eeuwige professie. Wij hebben de kandidatuur, die altijd al als fase bestond, in een nieuw jasje gestoken en uitgebreid. In de kennismakingsfase met onze communiteit van een nieuwsgierige, zoekende, geroepene verstrijkt een hele tijd: e-mails, MSN-en, gesprekken, ontmoetingen, bezoeken, lach- en huilbuien, grappen en grollen. Maar op een gegeven moment wordt het toch iets serieuzer. Dan voelen beide partijen dat er een verlangen naar meer is.

Bij iemand groeit langzaam het verlangen om het echte kloosterleven beter te leren kennen. Na verloop van tijd kan zo iemand kandidaat worden. Zij kan dan, zonder het gevoel ergens aan vast te zitten, van nabij kennismaken met het leven. Het voordeel van deze fase is dat alles nog zeer vrijblijvend is. Een kandidate kan bijvoorbeeld gewoon thuis wonen en regelmatig bij ons op bezoek komen en meebidden met de zusters. Regelmatig is er contact met de zuster waaraan de kandidate is toevertrouwd.  Er bestaat ook de mogelijkheid om lessen te volgen; met andere kandidaten of de postulanten. Bij grote feesten mag zij deelnemen aan de recreatie in het slot.

Tegenwoordig is het zo dat ook zeer jonge kandidaten zich aanmelden of  jonge vrouwen die nog niet erg veel weten van het geloof, de catechese, of het sacramentale leven, maar zich toch erg aangetrokken voelen tot het kloosterleven. Hier komt nu het nieuwe jasje! Er bestaat de mogelijkheid om in zo’n geval wel in het klooster te wonen, zodat je uitgebreider kan kennis maken en volledig kan deelnemen aan het dagelijkse kloosterleven. Zo kan het bijvoorbeeld zijn dat je nog gewoon naar school gaat en je opleiding afmaakt. Naast de studie kijken we dan wat er verder nog aan lessen kan worden gevolgd, zodat je, ook al ben je kandidaat, een korter postulaat kan doormaken. Wij proberen iedereen persoonlijk te begeleiden, en de vorming aan ieders persoonlijke behoefte aan te passen, zodat  ieder de mogelijkheid krijgt zich te ontwikkelen en alle aspecten van ons kloosterleven kan ontdekken. Onze Karmel van het Goddelijk Hart van Jezus is namelijk bijzonder, omdat ze zowel contemplatief als apostolisch is. We zitten precies in het midden. Als blijkt dat een kandidaat meer naar het één of juist naar het ander neigt, zoeken we samen een weg die haar gelukkig maakt. Veel kandidaten zijn óf elders ingetreden óf getrouwd. Sommigen waren nog niet “gerijpt”  en verlieten het klooster voor een korte tijd. Zij hadden de mogelijkheid om verder te gaan waar ze gebleven waren. We zoeken niet zozeer kloosterlingen, maar in de eerste plaats gaat het om het geluk van de kandidaat en de communiteit. Wees niet bang, zonder roeping zal je het niet redden, maar een tijd in het klooster verblijven kan een verrijking voor je verdere leven zijn.

Wat staat er over de fasen in onze regel en constituties?

Kandidaten

De kandidatuur in onze Karmel van het Goddelijk Hart van Jezus is een soort proeftijd voor de intrede. In deze periode bestaat er slechts een zeer vrije relatie tussen de kandidate en de communiteit. Kandidaten die opgenomen willen worden in het leven van onze Karmel van het Goddelijk Hart van Jezus willen wij helpen tot een verantwoorde keuze te komen voor het religieuze leven. Zij zullen onderricht krijgen in het kloosterleven, waarbij uitleg gegeven zal worden over het doel, de geest en het leven van de congregatie. In de praktijk zullen de kandidaten leren dat wij leven naar het voorbeeld van onze Stichteres: met een apostolische inzet die sterk gericht is op de noden van de hedendaagse mens.

Het postulaat

De opname van de kandidate in het postulaat gebeurt op een eenvoudige manier. Deze staat beschreven in onze Regel. Als er nog geen persoonlijk contact is geweest met onze Karmel, dan is het mogelijk dat de kandidate vóór de opname in het postulaat enige dagen in de communiteit leeft. De postulante zal duidelijk inzicht dienen te krijgen in het geloof, en de echtheid van haar roeping moeten toetsen. De overgang van een leven “in de wereld” naar het leven in onze Karmel van het Goddelijk Hart van Jezus is een grote verandering in iemands leven. Zij zal worden begeleid om een vrije en verantwoorde keuze te kunnen maken betreffende haar roeping. Zo is het mogelijk dat een postulante kan groeien in het religieuze leven.

Het noviciaat

Bij deze vormingsperiode zullen zo mogelijk meerdere novicen betrokken worden. De periode van activiteit en stille bezinning, gebed en studie, is niet alleen gedurende het noviciaat waardevol. Het moet voor de novicen een aansporing zijn dit heel hun kloosterleven trouw vol te houden. Tijdens het noviciaat zal een novice dieper ingeleid worden in het religieuze leven, in het bijzonder in onze spiritualiteit. In deze tijd zal zij deelnemen aan ons gemeenschapsleven, zoals wij dat in werkelijkheid beleven en in het apostolaat gestalte geven. Bij de eerste professie wordt de novice opgenomen in de Karmel van het Goddelijk Hart van Jezus en legt daarvoor de tijdelijke geloften af tijdens de viering van de Eucharistie. Zij zal het gevoel krijgen “erbij te horen”, een zekerheid en identiteit, en actief haar bijdrage leveren aan het leven en het apostolaat van het huis.

Het junioraat

Wat in het noviciaat werd geleerd, moet hierin ervaring worden. De geprofeste zuster, die het regelmatige leven van het noviciaat gewend was, moet nu leren zich aan te passen aan de soms onverwachte omstandigheden. Wanneer de novice voor de eerste maal de gelofte van zuiverheid, armoede en gehoorzaamheid heeft afgelegd, wordt zij een junior geprofeste. De geloften worden gedurende vijf jaar ieder jaar hernieuwd. De zuster gaat verder met het verdiepen van haar religieuze leven, waarbij zij zich voorbereidt op haar volledige verbintenis met God. De junior geprofeste ontvangt haar zwarte sluier en haar religieuze titel.


De eeuwige professie

Na de voorbereiding in het junioraat, waardoor een zuster in staat is om de definitieve keuze van totale toewijding te maken, legt de zuster haar eeuwige geloften af. Onze eeuwige professie is ons definitieve antwoord op Gods liefde voor ons. Wij zullen een antwoord vinden op al onze vragen, en op een verstandige wijze kunnen omgaan met onze twijfels. Wij hebben dan definitief “ja” gezegd tegen Hem.